fbpx Ga naar hoofdinhoud

Renovatie huurwoningen zet behaaglijkheid op de tocht

Tocht, behaaglijkheid, renovatie

Na uitvoering van groot onderhoud en een energetische opwaardering van zijn huurwoningen, komt bij de verhuurder een groot aantal klachten binnen over het thermisch comfort. Koude luchtstromen teisteren de bewoners. TechnoConsult onderzoekt en adviseert.

Bij groot onderhoud aan een woningcomplex zijn de circa 320 woningen energetisch opgewaardeerd. Hierbij is onder meer een geïsoleerde kapconstructie geplaatst, zijn de spouwmuren voorzien van na-isolatie en is een vraaggestuurde mechanische ventilatie geïnstalleerd. De oorspronkelijke houten beganegrondvloeren zijn behouden en daarbij niet aanvullend geïsoleerd. Wel is de kruipruimteventilatie verbeterd, door het aanbrengen van renovatiekokers in de voor- en achtergevels.

Thermisch onbehagen

Gedurende het eerste stookseizoen na de renovatie ontvangt de verhuurder een bovenmatige hoeveelheid klachten. Van steeds dezelfde strekking: thermisch onbehagen in de woonkamer. Bij koud weer, in combinatie met wind op de gevel, ervaren de huurders koude luchtstromingen langs de voeten en in de nek. Dit terwijl de thermische isolatie van de woningen juist verbeterd zou moeten zijn.

Representatieve steekproef

TechnoConsult neemt allereerst een representatieve steekproef in zowel woningen mét als zonder klachten. Aan de hand van objectieve metingen wordt het comfortniveau in de woningen op verschillende plekken gemeten. Specialistische apparatuur registreert onder meer de stralingstemperatuur, luchttemperatuur, relatieve luchtvochtigheid en luchtturbulenties. Op basis van de behaaglijkheidstheorie van Fanger wordt aan de hand van deze meetwaarden het comfortniveau uitgedrukt in een eengetalswaarde: de Predicted Mean Vote (PMV). Wat hierbij opvalt: de woningen met klachten hebben een sterk verlaagd comfortniveau ter plaatse van de voor- en achtergevels.

Rookbuisjes

Met behulp van rookbuisjes worden de luchtstromingen bij de voor- en achtergevel nader in kaart gebracht. Ondanks de relatief lage buitentemperaturen tijdens de inspecties is koudeval slechts minimaal aanwezig. Enkel daar waar geen radiatoren onder de natuurlijke toevoerroosters boven de beglazing zijn toegepast of waar deze niet zijn ingeschakeld, is er een ietwat neerwaartse luchtstroom. Thermografisch onderzoek toont verder aan dat regelmatig sprake is van verlaagde vloertemperaturen in de zone nabij de voor- en achtergevel.

Rookdetecties

Tot slot wordt de luchtdichtheid van de beganegrondvloeren beproefd aan de hand van rookdetecties. Via het vloerluik en de gevelroosters wordt een grote hoeveelheid rook in de kruipruimte geblazen. Hierbij wordt de woning met behulp van het mechanisch ventilatiesysteem op een lichte onderdruk gebracht. Uit de proeven blijkt dat in de woningen waar de klachten het hevigst zijn, er op diverse locaties langs de plinten rook in de woonkamer infiltreert. Er zijn forse luchtlekken bij de wand/vloeraansluitingen gevonden.

Oorzaak koudeklachten

Er zijn diverse luchtlekken aanwezig in de beganegrondvloeren. De kruipruimte wordt geventileerd met buitenlucht. Bij lage buitentemperaturen leidt infiltratie van lucht vanuit de kruipruimte tot relatief koude luchtstromen boven de vloer. Dit leidt tot thermisch onbehagen. Wind op de gevel resulteert in een sterkere ventilatiestroom, waardoor de kans op thermisch onbehagen toeneemt.

Het ventileren van de kruipruimte is vereist om de houten vloer in goede conditie te houden. Bij het onderhoud werd de kruipruimteventilatie verbeterd, waardoor de luchtstroom door de kruipruimte is vergroot. Het gevolg: de temperatuur in de kruipruimte nadert meer de buitentemperatuur. Bij koud weer neemt de gehele beganegrondvloer hierdoor een (iets) lagere temperatuur aan. Via de aanwezige luchtlekken infiltreert meer en koudere lucht dan voorheen. Dit veroorzaakt het thermisch onbehagen: een temperatuurverschil tussen been- en schouderhoogte kan al vanaf circa 2 graden verschil als hinderlijk worden ervaren.

Secundaire invloedsfactoren

Bij veel van de onderzochte woningen zijn zitmeubelen direct onder de ramen in de woonkamer geplaatst. Door dicht bij de relatief koude glasoppervlakken te verblijven, wordt warmte eenzijdig aan het lichaam onttrokken. Dat kan leiden tot stralingsasymmetrie. Tevens kan ter plaatse van glasoppervlakken een neerwaartse luchtstroom ontstaan, doordat lucht hier plaatselijk afkoelt. Koelere lucht kent een hogere dichtheid dan warme(re) lucht, waardoor deze neerdaalt. Deze ‘koudeval’ is te voorkomen door de neerwaartse luchtstroom te compenseren door een opwaartse luchtstroom vanaf de radiatoren.

Bij het planmatig onderhoud is aanvullend geïsoleerd. Er treden minder warmteverliezen op, waardoor minder lang en vaak hoeft te worden gestookt om de temperatuur in de woning op peil te houden. De radiatoren zijn hierdoor niet voortdurend ingeschakeld. Wanneer een radiator afkoelt, treedt tijdelijk geen (of minder) compensatie van koudeval op. Dat kan ook bijdragen aan een groter gevoel van thermisch onbehagen.

Om deze reden wordt conform Bouwbesluit artikel 3.30 en NEN 1087 de zone tot 1 meter vanaf de gevel niet tot de ‘leefzone’ van de woning gerekend. De leefzone begint 1 meter vanaf de buitengevels, 0,2 meter vanaf de binnenwanden en heeft een hoogte van 1,8 meter boven de vloer. Aan de zone binnen 1 meter vanaf de buitengevels worden geen eisen gesteld met betrekking tot comfort. In deze zone kan en hoeft het thermisch comfort niet gegarandeerd te worden, waardoor het raadzaam is om zitmeubilair buiten deze zone te plaatsen.

Maatregelen

Bij het treffen van maatregelen wordt gekozen voor een aanpak van onderaf, vanuit de kruipruimte. De gehele wand/vloeraansluiting van de beganegrondvloer wordt bij alle woningen nagezien en zo nodig voorzien van een aanvullende luchtdichting. Kleine kieren en openingen worden afgedicht met een kit op rugvulling, terwijl grotere openingen worden afgedicht met elastisch blijvend isolatieschuim. Na het afdichten van de luchtlekken wordt de verhuurder door zijn huurders weer met een warm welkom ontvangen.

Tekst en beeld: ir. Daan van Kinderen, TechnoConsult B.V.

Meer informatie: technoconsult.nl

Schrijf je in voor de nieuwsbrief

Met deze wekelijkse nieuwsbrief blijf je op de hoogte van het laatste nieuws uit de bouwtechniek.

3 reacties op “Renovatie huurwoningen zet behaaglijkheid op de tocht

  • Theo.R

    Wanneer men al zover gaat met renovatie en energetische opwaardering van de “schil” van de woningen neem ik aan dat die investering minimaal voor 20 tot 30 jaar is bedoeld. Het getuigt van onbenul om dan ook niet de houten begane grondvloeren te vervangen door een betonnen vloer op isolatie. Misschien zelfs de hele kruipruimte (zo die er is) vol te gieten met argex-schuimbeton. De bedenkers en aanvoerders van deze operatie wonen beslist rianter en zonder koude voeten!

  • BF

    “groot onderhoud en een energetische opwaardering” en “oorspronkelijke houten beganegrondvloeren zijn behouden en daarbij niet aanvullend geïsoleerd”
    Wie heeft dit verzonnen??

  • Hans Hamberg

    Echte Rocket science, een woning op onderdruk brengen en de kruipruimte meer ventileren zonder isolatie aan te brengen dan weet je dat je problemen krijgt. En 1 meter vanuit de gevel niet mee te rekenen is in onze kleine sociale woningen bijna een kwart van het woonoppervlak. Dat is je kop in het zand steken, geen oog hebben voor de reeële problemen van deze groep bewoners die er waarschijnlijk wel meer huur voor moeten betalen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.