De bouwfysische uitdagingen van binnenisolatie

Anno 2023 is het isoleren van bestaande woningen en gebouwen relevanter dan ooit. De gasprijs, die jaren stabiel is gebleven, steeg naar historische hoogtes. Door stijging van deze woonkosten krijgen bewoners van woningen gebouwd voor 1970 het hierbij in het bijzonder zeer zwaar te verduren. In Nederland zijn dat in totaal bijna 3,6 miljoen woningen. Slechts een klein deel daarvan is op dit moment gerenoveerd en thermisch verbeterd. Bij een deel van deze woningvoorraad is buitengevelisolatie geen optie door bijvoorbeeld ruimtegebrek of doordat ze een historische status hebben, waardoor het bestaande gevelbeeld behouden moet blijven. Als een spouwisolatie niet mogelijk blijkt te zijn, kan binnenisolatie dan een goed alternatief zijn.

Bij binnenisolatie wordt een isolatielaag meestal gecombineerd in een voorzetwand in het interieur geplaatst en dit heeft een aantal positieve en negatieve effecten: de energiebesparing is, zeker bij ongeïsoleerde woningen, is aanzienlijk en het comfortniveau verbeterd drastisch, waarbij wel het woonoppervlak wordt verkleind. Tegelijkertijd levert het wel een aantal bouwfysische uitdagingen op met betrekking tot vocht dat in de woning aanwezig is.

Dampspanning en voorzetwanden

Volsteens metselwerk of spouwmuren leveren doorgaans geen condensatieproblemen op aan de binnenzijde van de woning. Tijdens de winter wordt het binnenspouwblad verwarmd, waardoor vocht kan uitdampen. Als er echter isolatie wordt toegevoegd verplaatst de temperatuurlijn van de constructie: het metselwerk komt kouder te liggen. Als het vocht dat in de woning wordt geproduceerd het nu koude binnenblad kan bereiken dan zal het daar condenseren en, indien het niet tijdig kan uitdampen, zorgen voor schade. Het is dus van belang om het vocht vanuit binnen te weren door middel van een dampremmende folie, geplaatst aan de warme zijde van de isolatie. Het aanbrengen van de dampremmende folie dient met zorg te worden gedaan, aangezien een enkele scheur of andere schade kan leiden tot condensatie tegen het binnenblad.

Omdat de dampremmende laag van essentieel belang is en de foutmarge klein is (een scheur is namelijk zo gemaakt) zijn er alternatieven op de markt gebracht die werken zonder dampremmende laag. Deze methodes hebben hun eigen voordelen en nadelen. Er wordt dan doorgaans gekozen worden voor zogenoemde waterbufferende isolatiematerialen, zoals houtvezelisolatie of calciumsilicaatisolatie. Deze materialen kunnen condensatievocht dat neerslaat tegen het binnenblad als het ware opzuigen, verdelen over de isolatie en vertraagd afgeven, terug aan het binnenmilieu, middels capillaire werking. Het voordeel is dat er geen lastig aan te brengen dampremmende folie meer nodig is. Qua montage zijn dergelijke systemen zeer aantrekkelijk, maar er zijn ook zeker wat nadelen. Het is van essentieel belang dat de binnenafwerking, zoals stuc, dampopen genoeg is, zodat het vocht ook daadwerkelijk kan uitdampen naar binnen toe. Stuc is in principe dampopen genoeg als afwerking, maar wat als opvolgende bewoners telkens de stuc voorzien van een nieuwe verflaag? Dat is geen onvoorstelbaar scenario. Na verloop van tijd kan dan alsnog een dampdichte afwerking ontstaan met opgesloten vocht als resultaat. Schade moet dan verwacht worden. Daarnaast moet zo’n systeem meestal permanent verlijmd worden aan het binnenblad, of andersoortige constructie, om te zorgen dat het condensatievocht kan worden opgenomen door de isolatie. In het kader van reversibel/circulair bouwen is dat een nadeel.

Koudebruggen

Bij koudebruggen denkt men vaak aan constructie-elementen, zoals balkons of balken, maar ook muren die haaks op de gevel staan zijn koudebruggen. Net zoals warmte zoekt ook kou de makkelijkste weg naar binnen toe. In ongeïsoleerde woningen zijn er een tal van koudebruggen aanwezig. Hoewel dit leidt tot veel energieverlies is er ook een positief effect, namelijk dat alle koudebruggen gelijkmatig worden afgekoeld en opgewarmd, daardoor blijft de constructie qua temperatuur relatief stabiel. Wanneer er isolatie aan de binnenzijde wordt toegevoegd worden de ongeïsoleerde elementen extra geaccentueerd en worden als gevolg nog kouder. Dit kan leiden tot oppervlakte- of inwendige condensatie. Het Bouwbesluit 2012 geeft hiervoor een factor voor de temperatuur (f-factor) op als eis, namelijk: 0.65 (voor woningbouw). Dit betekent dat, als de constructie op elk punt minstens 65% van de heersende binnentemperatuur is, het risico op interne condensatie beperkt is.

Niet elke koudebrug is volledig op te lossen, zoals een dragende muur of een balkonconstructie. Er zijn in principe twee opties om een hogere oppervlaktetemperatuur te creëren: gedeeltelijk inpakken of juist vrij houden. Bij het inpakken van koudebruggen is de algemene vuistregel dat deze voor circa 1 meter moeten worden ingepakt. De koudebrug kan dan voldoende opwarmen tot een acceptabele temperatuur. Dit wordt vooral toegepast bij de grotere elementen, zoals muren en doorstekende balkons. De tweede optie, de koudebrug bewust vrij laten, zorgt ervoor dat de kou uitstraalt over een groter oppervlakte en de warmte een groter oppervlakte kan bereiken. De binnenlucht kan dan de constructie opwarmen Vooral bij kleinere koudebruggen, zoals balken, kan dit een goede optie zijn. Dit heeft wel tot gevolg dat er meer warmte verloren gaat via de gevel en er moet nog steeds vermeden worden dat damp naar de koude delen in de gevel kan stromen en kan condenseren.

Samenvattend is een binnenisolatie een goed alternatief waar buitenisolatie geen optie is. Wel vergt het dus extra aandacht met betrekking tot vocht en is het raadzaam om een gevelspecialist als bijvoorbeeld Kettlitz hieromtrent om advies te vragen. Geadviseerd wordt om de huidige situatie goed in kaart te brengen, zoals beschikbare ruimte, mogelijke koudebruggen, hoeveelheid kritische details en het huidige gevelsysteem, voordat een geschikt isolatiesysteem wordt gekozen.

Tekst: ir. C.J.A. Nuijen en ir. M. Simmering, Kettlitz Gevel- en Dakadvies

Dit artikel is onderdeel van het dossier Energietransitie

roef
Dossier

energietransitie

Blijf voorop in de bouw met de Bouwwereld nieuwsbrief

Ontvang elke week het laatste (product)nieuws, trends en ontwikkelingen over bouwtechniek in je mailbox. Sluit je aan bij 16.000 bouwprofessionals en mis niets!.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.