Ga naar hoofdinhoud

Geen geld door knallende gevelpuien


Een aannemer bouwt een bedrijfshal inclusief kantoor, maar kan vervolgens naar zijn geld fluiten. De klant laat 11.344,51 euro van de aanneemsom en 904,32 euro meerwerk onbetaald. In zijn ogen deugen de aluminium gevelpuien niet en hij eist 70.662,86 euro schadevergoeding van de verbaasde vakman.

Temperatuurspanningen in de aluminium gevelpuien
De aannemer heeft tijdens de bouw voorgesteld om in afwijking van het bestek aluminium gevelprofielen van een ander fabricaat toe te passen. De opdrachtgever is daarmee akkoord gegaan en koos voor een glaskleur die leidde tot een meerprijs. Bij halfbewolkt weer traden vervolgens harde krakende en knallende geluiden op. Het gevolg van temperatuurspanningen in de aluminium gevelpuien. Pas na herhaaldelijk aandringen heeft de aannemer deze geluidproblemen aangepakt door de harde kunststoffen verbindingsstukken tussen de aluminiumprofielen aan de binnenkant en de kliklijstbevestigingsprofielen aan de buitenkant te verwijderen. Daarna heeft hij de kliklijstbevestigingsprofielen op de beglazing aangebracht door deze vast te zetten aan de aluminium profielen. Tussen de in de kliklijstbevestigingsprofielen aanwezige beglazingsrubbers en de beglazing bevestigde de bouwer een bitumenband.
Ondanks de herstelwerkzaamheden weigert de opdrachtgever een deel van de aanneemsom en het meerwerk te betalen. Er is volgens hem nog steeds sprake van een tekortkoming. De arbiter weerlegt dat.

Geluidshinder
De opdrachtgever heeft de herstelwijze en de uitvoering ervan niet afgekeurd, dus geaccepteerd. Bovendien geeft hij aan dat de geluidproblemen tot een aanvaardbaar niveau zijn teruggebracht.
Wel is de arbiter het met de opdrachtgever eens dat het herstel buitenproportioneel lang heeft geduurd, waarbij de aannemer constant aangespoord moest worden om tot actie over te gaan. Op 5 november 2002 werd het gebrek vastgesteld; op 21 september 2004 pas hersteld. In die tussentijd is de geluidshinder hetzelfde gebleven. De opdrachtgever krijgt daarom een vergoeding van 10.687,86 euro. Dat hij de aannemer de resterende aanneemsom van 11.344,51 plus meerwerk à 904,32 euro verschuldigd is, staat vast. De opdrachtgever betaalt hem uiteindelijk 11.344,51 + 904,32 – 10.687,86 = 1.560,97 euro. Voor zijn rekening komen ook drievierde deel van de 6.082 euro aan arbitragekosten en de rechtsbijstandskosten van de bouwer à 2.250 euro. De aannemer betaalt het overige deel van de arbitragekosten.

Geschilnummer 28.429

Tekst: Vila Huurnink

Tekening: Pennestreek

Schrijf je in voor de nieuwsbrief

Met deze wekelijkse nieuwsbrief blijf je op de hoogte van het laatste nieuws uit de bouwtechniek.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.