Ga naar hoofdinhoud

Brandveiligheid: E- en W-schachten, wel of niet compartimenteren?

brandveiligheid, leidingschacht

Er is te weinig oog voor het risico dat er brand ontstaat in een leidingschacht. De brandwerendheid van leidingschachten verdient daarom tijdens het hele bouwproces meer aandacht. Om dit te bereiken moet de kennis over dit onderwerp bij partijen binnen de bouwketen verbeteren.

Tijdens de ontwikkeling van gebouwen is er vaak te weinig aandacht voor de vereiste en gewenste brandwerendheid van E- en W-schachten. Nog specifieker: er is vooral te weinig aandacht voor het risico op het ontstaan van brand in een leidingschacht. Dit heeft als gevolg dat schachten wel brandwerend vergund zijn, maar in de praktijk toch een ongewenst brandrisico hebben. Allereerst gaan we in op de in Nederland toegepaste wetgeving, normen en richtlijnen. Daarbij beginnen we bij het Bouwbesluit.

Eisen Bouwbesluit

In de praktijk wordt een leidingschacht vaak buiten een brandcompartiment gelegd, door een eenzijdige brandscheiding om de schacht te leggen. Een brandcompartiment is het maximale branduitbreidingsgebied. Tussen brandcompartimenten en richting vluchtroutes geldt een eis aan de ‘weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag’ (wbdbo). Hierin onderscheiden we voor schachten de volgende varianten (zie ook afbeelding 1):

  • Is de schacht een brandcompartiment? De wbdbo-eis geldt in beide richtingen (tweezijdig).
  • Is de schacht geen brandcompartiment? De wbdbo-eis geldt alleen naar de leidingschacht toe (eenzijdig).

Volgens Bouwbesluit artikel 2.82 lid 1 moet een besloten ruimte in een brandcompartiment liggen. Een ruimte is volgens NEN 2580 een voor mensen toegankelijk deel van een gebouw. Artikel 1.1 van het Bouwbesluit spreekt bij een brandcompartiment juist van een gedeelte van een bouwwerk. Als een leidingschacht geen ruimte is, betekent dit dus niet direct dat de schacht buiten een brandcompartiment mag liggen.

Leidingschacht als technische ruimte

Een leidingschacht kan als technische ruimte gezien worden, ondanks dat een schacht niet volledig onder de definitie van een technische ruimte valt. Een technische ruimte met een gebruiksoppervlakte van minder dan 50 vierkante meter hoeft volgens Bouwbesluit artikel 2.82 lid 3d niet in een brandcompartiment te liggen.

Brandklasse

Het Bouwbesluit stelt verder een eis aan de brandklasse van het binnenoppervlak, maar geen eisen aan de brandklasse van de in de schacht toegepaste materialen. Ook wordt geen eis gesteld aan de hoeveelheid brandbaar materiaal in een schacht. Dit geldt ook voor de aanwezigheid van ontstekingsbronnen en de rookwerendheid van de brandscheiding.

Handreiking brandveiligheid in hoge gebouwen

De Handreiking brandveiligheid in hoge gebouwen wordt vaak toegepast bij gebouwen hoger dan 70 meter en bevat aanvullende brandveiligheidsvoorzieningen. Hierin staat dat een schacht onderdeel is van een scheidingsconstructie tussen brandcompartimenten of als apart brandcompartiment is uitgevoerd. In het laatste geval moet de schacht per 50 meter gesegmenteerd en gesprinklerd worden. Is een schacht onderdeel van de scheidingsconstructie? Dan houdt dit niet automatisch in dat hier niet gesprinklerd hoeft te worden.

Sprinklernormen

Een sprinklerinstallatie beheerst of controleert een brand en kan worden ingezet als een gelijkwaardige veiligheidsoplossing. Deze installatie moet volgens sprinklernormen aangelegd en onderhouden zijn. Een leidingschacht wordt doorgaans ook gesprinklerd. Als de schacht inclusief inhoud voldoet aan strenge materiaaleisen van brandklasse en/of aanwezige vuurlast is sprinkleren geen voorwaarde meer. Dit is ook het geval als er een tweezijdige 60 minuten brandscheiding rondom de leidingschacht ligt. Resumerend blijkt dat het Bouwbesluit zelf geen duidelijk uitsluitsel geeft en ruimte overlaat voor interpretatieverschillen.

Risicoanalyse

Omdat de regelgeving niet eenduidig is, laten we de regels los en analyseren we de brandrisico’s. Het doel van de risicoanalyse sluit aan bij de Bouwbesluitdoelen: branduitbreiding voorkomen en veilige vluchtroutes waarborgen. Hieronder staan de belangrijkste factoren die van invloed zijn op het brandrisico in een leidingschacht (zie ook afbeelding 2):

  1. Branddoorslag richting leidingschacht.
  2. Ontstaan van brand in de leidingschacht.
  3. Brandvoortplanting over constructieonderdelen.
  4. Brandvoortplanting via leidingen, isolatie en kanalen in de schacht.
  5. Intensiteit van een brand in de leidingschacht.
  6. Rookverspreiding naar aangrenzende ruimten.
  7. Branddoorslag richting aangrenzende ruimten.

Verder is het belangrijk of personen in aangrenzende ruimtes zelfstandig kunnen vluchten. Daarnaast is ook de hoogte van het gebouw van invloed op de warmteontwikkeling en branduitbreidingssnelheid, door de schoorsteenwerking van de schacht.

Verkleinen risicofactoren

Het is mogelijk het ontstaan van brand in een schacht te voorkomen. Om dit te bereiken moet een leidingschacht ontoegankelijk zijn en mogen er geen ontstekingsbronnen aanwezig zijn. Is dit niet mogelijk? Dan moet de leidingschacht in een brandcompartiment gelegd worden. Hiermee is branddoorslag richting een aangrenzende ruimte zoveel mogelijk voorkomen. Vanwege het risico op overbelasting zijn ook 250V kabels een mogelijke ontstekingsbron. Een minimaal aantal kabels in een schacht kan wel toegestaan worden. Staat de leidingschacht in (open) verbinding met een technische ruimte? Dan moet het scheidingsvlak tussen technische ruimte en schacht (bijv. schachtvoet) brandwerend uitgevoerd worden, al helemaal als de schacht buiten een brandcompartiment ligt. Een gekozen oplossing moet natuurlijk altijd haalbaar en uitvoerbaar zijn!

Brandvoortplanting

In het Bouwbesluit staan eisen om brandvoortplanting via de constructieonderdelen te voorkomen. Maar, dit geldt niet voor brandvoortplanting via leidingen en kanalen. Het is niet verboden om materialen met brandklasse E te gebruiken in een schacht. Daarom adviseren wij om leidingen, kanalen en overige materialen (bijvoorbeeld kanaalisolatie) met minimaal brandklasse D te gebruiken, óf type Moeilijk Brandbaar voor bekabeling. Zo is de veiligheid net zo goed gewaarborgd als voor constructieonderdelen volgens het Bouwbesluit. Dit draagt ook bij aan vermindering van de intensiteit van de brand. Een brand met hoge intensiteit in een kleine ruimte zorgt namelijk eerder voor branddoorslag.

Rookwerendheid

Personen die niet zelf kunnen vluchten moeten door de brandweer geëvacueerd worden. Om hiervoor het gebouw langer rookvrij te houden, is een rookwerendheid van S200 te adviseren. Grenst een leidingschacht aan een vluchtroute? Dan is ook een rookwerendheid van S200 te adviseren om de vluchtveiligheid te garanderen. Dit sluit aan bij toekomstige eisen. Om schoorsteenwerking tegen te gaan adviseren wij om de schachten per 50 meter te segmenteren, net zoals in de Handreiking brandveiligheid hoge gebouwen. Dit is samen te vatten in een beslisschema. Dit schema is in afbeelding 3 en 4 weergegeven.

De ontwerppraktijk

Binnen de woningbouw worden meterkasten vaak al per verdieping afgescheiden. Dit komt omdat de meterkast onderdeel is van de woning of algemene gangzone. Standleidingen en ventilatiekanalen zijn vaak al in aparte niet-toegankelijke schachten gelegd, die buiten een brandcompartiment vallen. Dit is een algemeen geaccepteerde aanpak.

Binnen de utiliteitsbouw verschilt het per project hoe de verschillende partijen het ontwerp van de schachten oppakken. Wij hebben binnen een project per schacht gewerkt met verticale doorsnedes. Hierin kunnen gesprinklerde gedeeltes, brandcompartimenten, richtingen van brandwerendheden en dergelijke eenvoudig aangegeven worden. Alle projectpartijen weten hiermee hun werkzaamheden en de achtergrond van bepaalde keuzes precies. Een vroeg ontwerpvoorbeeld hiervan is weergegeven in afbeelding 5.

De uitvoeringspraktijk

Het is belangrijk om in vroeg stadium te beginnen met het ontwerp van de brandwerendheid van schachten. Zo kan de bouwer de juiste constructies en materialen opnemen in zijn prijsbepaling. Het is ook belangrijk om de keuzes goed vast te leggen, dit voorkomt dat door constructie- of materiaalwisselingen de ontworpen brandveiligheid niet gerealiseerd wordt. Daarbij is goede communicatie tussen bouwer en brandveiligheidsadviseur essentieel, zodat onuitvoerbare en onhaalbare ontwerpkeuzes voorkomen of verbeterd worden. In de praktijk gaat het helaas nog weleens verkeerd. Dit bewijzen de hier weergegeven foto’s.

Tot slot

Er is nog veel meer te schrijven over brandveiligheid van E- en W-schachten. Te veel om in dit artikel aan te stippen. Wij hopen wel dat dit artikel een handvat is, waarmee men in het ontwerpproces beter kan inspelen op de brandrisico’s van een leidingschacht. Dit leidt uiteindelijk tot een verbetering van de brandveiligheid van de gebouwen in Nederland. In het volgende deel gaan we in op de uitvoering van brandwerende schachtwanden.

Tekstproductie en beeld: ing J. Verschoor, LBP|SIGHT
Bewerking tekeningen: Henk Heusinkveld

Raadgevend ingenieursbureau LBP|SIGHT stelt regelmatig zijn kennis en ervaring beschikbaar qua bouwfysica, bouwakoestiek en brandveiligheid. Reacties: jv@lbpsight.nl. Meer informatie: lbpsight.nl

Schrijf je in voor de nieuwsbrief

Met deze wekelijkse nieuwsbrief blijf je op de hoogte van het laatste nieuws uit de bouwtechniek.

Eén reactie op “Brandveiligheid: E- en W-schachten, wel of niet compartimenteren?

  • Een ongeluk schuilt in een klein hoekje zegt mijn buurvrouw al te vaak. Bedankt voor dit artikel! Ik heb tot nu toe geen aandacht geschonken aan dit onderwerp. Ik zal ervoor zorgen dat we thuis de leidingschacht in een brandcompartiment hebben staan. Veiligheid staat op de eerste plaats!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.