Ga naar hoofdinhoud

Thermisch compartimenteren: goedkoper en sneller van het gas af

thermisch compartimenteren

Bestaande woningen kunnen mogelijk op een veel goedkopere en effectievere wijze verduurzaamd worden door ze thermisch te compartimenteren. Dat wil zeggen dat alleen de leefruimten geïsoleerd worden – veelal de woonkamer en de keuken. Op deze manier kan een bestaande woning voor de helft van de kosten van het gas af. Dit blijkt uit een pilot van woningcorporatie Domijn en het lectoraat Sustainable Building Technology van Hogeschool Saxion.

In de pilot ‘thermisch compartimenteren’ werden vier woningen in de Vlasstraat in Enschede van het verduurzaamd en van het gas afgehaald. Een jaar lang is vervolgens het verbruik en de prestaties van de vier woningen gevolgd. De resultaten zijn volgens de onderzoekers boven verwachting. Twee van de drie huishoudens leverden zelfs meer energie dan dat ze verbruikten.

CO2-neutrale woningvoorraad

Volgens de afspraken in het klimaatakkoord moeten woningbouwcorporaties in 2050 een CO2-neutrale woningvoorraad hebben. Voor veel corporaties lijkt dat momenteel niet haalbaar, omdat het verduurzamen van alle woningen enorm veel tijd én geld kost. Thermisch compartimenteren is mogelijk een manier om een passende en betaalbare verduurzamingsoplossing te vinden.

Thermisch compartimenteren: warm wonen en koel slapen

“Maar liefst 90 procent van de mensen slaapt het liefst met de ramen open”, stelt Pascal ten Berge, senior projectleider bij Woningbouwcorporatie Domijn. “Dat zette ons enorm aan het denken. Want, waarom zou je dan een woning van boven tot onder hoogwaardig isoleren om overal de warmte binnen te houden? En daarmee dus ook flink investeren?”

De oplossing ‘thermisch compartimenteren’ ontstond uit die gedachte. Alleen de leefruimten, de woonkamer en keuken, hoeven voor bewoners op temperatuur te zijn. En die ruimtes worden goed geïsoleerd. De vloer, het plafond tussen het woon- en slaapgedeelte en de wanden worden grondig aangepakt. Bij de andere kamers gebeurt dat niet. Dat bespaart veel materiaal, tijd en kosten.

Kosten- en tijdsbesparing

En die kostenbesparing is niet gering. Volgens Domijn kunnen kan die besparing zelfs oplopen tot 50%. Ten Berge: “De kosten voor een volledige verduurzaming gaan ruim boven de € 100.000,-. Het gaat vaak om woningen uit de jaren 50 en 60 en aan bijna al die woningen is inmiddels wel iets gedaan op gebied van verduurzaming. Bijvoorbeeld dakisolatie, meestal met een Rc van niet meer dan 1,2. Als je zo’n woning grondig verduurzaamd dan moet je die isolatie weer verwijderen en van bovenaf opnieuw isoleren. Dat betekent dat de pannen eraf moeten, dat het dak hoger komt en dat je de goten moet aanpassen – terwijl die meestal nog in goede staat zijn. Vaak moet ook nog de schoorsteen vervangen worden of kom je ergens een asbestplaat tegen. Voor je het weet lopen de kosten bijzonder hoog op. Dat kun je allemaal met thermisch compartimenteren voorkomen.”

Het verduurzamen zelf duurt ongeveer vijf werkdagen, waarvan de bewoners maximaal drie dagen overlast hebben binnen. Complete isolatie van de woning kan volgens Ten Berge binnen dezelfde periode worden uitgevoerd, maar geeft buiten veel meer overlast. “Denk aan meer sloopwerk, grond- en graafwerk, verwijderen van de zonneschermen, enzovoorts.”

De besparing van thermisch compartimenteren zit vooral in een lager aantal uren op de bouwplaats, maar ook minder productie-uren in de fabriek. “Dat zie je niet op de bouwplaats, maar die uren moeten wel betaald worden.”

Energieprestatievergoeding

Volgens Ten Berge moet er wel nog het een en ander veranderen aan de regelgeving wil thermisch compartimenteren een succes kunnen worden. Het uitgangspunt namelijk te vaak een volledig geïsoleerde woning. Een corporatie kan bijvoorbeeld alleen maar aanspraak maken op de Energieprestatievergoeding (EPV) als de gehele woning wordt geïsoleerd. Ten Berge is van mening dat de EPV ook voor thermisch compartimenteren beschikbaar moet zijn. “Het gaat hier om een praktische oplossing die werkt, in tegenstelling tot de theorie die ervoor zorgt dat dit soort maatregelen onbetaalbaar worden.”

Een ander voorbeeld: de ISSO 51. Die richtlijn stelt dat het bij een buitentemperatuur van -10 graden Celsius het binnen in alle verblijfsruimten 20 graden moet kunnen worden en in de badkamer zelfs 22 graden. “Maar hoe vaak is het nou buiten echt zo koud? Bovendien blijkt dat veel bewoners helemaal geen behoefte hebben aan 20 graden in de slaapkamer. En in de badkamer kun je veel beter werken met bijvoorbeeld een infraroodpaneel die je aanzet op het moment dat je gebruik maakt van de ruimte”, aldus Ten Berge, die aangeeft dat de woning overigens zonder klachten de afgelopen koude periode hebben doorstaan.

Poll

Is thermisch compartimenteren een goede oplossing?

  • Ja, interessant concept met potentie. (75%)
  • Nee, niet doen. Volledig isoleren blijft het beste. (25%)
Laden ... Laden ...

Vervolgonderzoek

De uitkomsten van het onderzoek zijn hoopgevend, maar nog wel gebaseerd op een test met slechts drie woningen. Daarom kijken Domijn en Saxion al serieus naar een vervolg. In een vijfde pilotwoning wordt getest met een alternatief binnengevelisolatiemateriaal dat sneller en gemakkelijker is aan te brengen. Ook wordt er gekeken naar een verbetering van de installaties. Daarnaast onderzoeken de partijen of het concept behalve voor één- en tweepersoonshuishoudens ook interessant is voor drie- of vierpersoonshuishoudens.

Onderzoeksresultaten

Voor de onderzoeksresultaten, zie de tabel onderaan. Van de vier woningen is één woning niet meegenomen omdat deze pas later in het jaar werd bewoond. Woningtype B had oorspronkelijk een hoogtemperatuur warmtepomp op basis van PCM, maar deze functioneerde niet goed en is later vervangen door een laagtemperatuur lucht-water warmtepomp (Stiebel Eltron). Dit is volgens de onderzoekers waarschijnlijk de oorzaak dat in deze woning niet dezelfde resultaten zijn behaald.

Woningtype A heeft een hoogtemperatuur (CO2) lucht-water warmtepomp (Mitsubishi Alklima) en C een laagtemperatuur lucht-water warmtepomp (Mitsubishi). Elke woning is voorzien van 20 zonnepanelen met een vermogen van 320 Wp per stuk. Bij woningtype B en C zijn de radiatoren op de begane grond vervangen door covectoren (Jaga DBE). Op de verdieping zijn de gewone radiatoren gehandhaafd. Bij woningtype A is het oorspronkelijke afgiftesysteem met radiatoren gehandhaafd.

In alle woningen is op de begane grond decentrale WTW toegepast (Zehnder Comfospot) met natuurlijke ventilatie op de slaapkamers. Verder zijn de geïsoleerde ruimtes tochtdicht gemaakt en getest middels een blowerdoortest gecontroleerd (Qv;10 voor het geïsoleerde compartiment: 0,66). De deur van de woonkamer naar de hal is voorzien van tochtstrippen en een valdorpel.

De vooraf berekende waarde is gebaseerd op een berekening van Kamperman Adviseurs Installatietechniek en Saxion. Elke ruimte is apart berekend. Op basis daarvan zijn de woningen uitgevoerd. Aansluitend is er een co-heating test (incl. blowerdoortest en tapwatertest) uitgevoerd om te controleren of de waarden kloppen. Met een co-heating test wordt bepaald hoeveel energie er door de gevels verloren gaat en wat als gevolg daarvan de energievraag voor verwarming van de woning is. Met deze test kon worden aangetoond dat de vooraf berekende waarden in de praktijk kloppen. Aansluitend is de woning verhuurd en een jaar gemonitord met het onderstaande resultaat. Het referentie klimaatjaar geeft het gemiddelde energieverbruik aan op basis graaddagen volgens de NEN 5060:2018.

Lees ook:

Schrijf je in voor de nieuwsbrief

Met deze wekelijkse nieuwsbrief blijf je op de hoogte van het laatste nieuws uit de bouwtechniek.

4 reacties op “Thermisch compartimenteren: goedkoper en sneller van het gas af

  • Mooi dat wij hier als ETS Isolatie ons steentje aan bij hebben mogen dragen.

    https://www.etsisolatie.com/

  • Jaap

    Ik heb de thermische compartimentering vorig jaar bij m’n eigen verbouwing van de woning ook toegepast. Het is natuurlijk onzin om duur HR ++ glas te plaatsen in slaapkamerramen die 99,9 % van de tijd op een kier staan te ventileren.

  • Tom Peeters

    Slechte investering en waarom? De woningen waaraan men denkt zijn de sociale tussen- en hoekwoningen die een maximale verkooprijs hebben van ca. €175-€225.000. Woningen zijn vaak gedateerd, slecht of niet geïsoleerd en behalen met ingrijpende veranderingen nauwelijks of geen meerwaarde. Bij een hoge investering, en dan mag u inderdaad denken aan €80-100.000, zijn noodzakelijk om deze woningen BENG (Bijna Energie-Neutrale Gebouwen) op te leveren. Dergelijke investeringen doet velen eigenaar-bewoners afschrikken. Om snel aan het klimaatakkoord te voldoen en de eigenaren van deze woningen in Nederland toch over stag te krijgen dergelijke investeringen te maken, bedenkt de markt weer iets om het ingrijpen qua investering naar beneden te brengen, maar de meerwaarde van efficiency blijven hierin onderbelicht en zullen ook ver achter blijven. Een investering die overigens geheel teniet wordt gedaan door de moeilijkheid deze woningen zonder koudebruggen en lekken goed te isoleren, waarbij de wanden wel worden geïsoleerd maar de tussenvloeren en BBG-vloeren niet of niet kunnen worden geïsoleerd, gevels half worden geïsoleerd en binnendeuren tussen de geïsoleerde en niet geïsoleerde compartimenten dagelijks open blijven staan. Als we aan de ene kant hoge kwaliteitseisen stellen aan woningen t.g.v. het klimaatakkoord en het CO-2 echt willen terugdringen, dan moeten we niet met een halfslachtige oplossing komen, waar de burger de rekening mag betalen, maar moeten we gaan voor ’t grootschalig bouwen en aanbieden van kleine sociale woningen met een hoge kwaliteit aan de bewoners van de huidige woningen die we willen aanpakken. De overheid moet hieraan meebetalen en we moeten niet met een ‘oplossing’ komen waar we de gehele rekening bij de burger kunnen leggen. Mijn advies als kostenadviseur is dan ook om hierin niet mee te gaan, maar kiezen voor kwaliteit. Tom Peeters, Senior Kostendeskundige

  • Een interessant verhaal!
    Ik geef dit concept al langer – als energiecoach – aan klanten in overweging.
    In het eerste staatje is sprake van een ‘eindwoning’ en een ‘hoekwoning’.
    Moet dat laatste niet ‘tussenwoning’ zijn? Vergelijk met de tabel aan het einde.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.