Ga naar hoofdinhoud

EPN berekening versoepeld

Op 1 januari 2003 werd een nieuwe rekenmethode voor de energieprestatie van woningen en woongebouwen (NEN 5128) van kracht. Met de nieuwe EPN-berekening is het nu gemakkelijker om aan de eis te voldoen en blijken er minder energiebesparende maatregelen nodig. Er is ook een nadeel: het kost iets meer uitzoekwerk om de berekening te maken.

Tekst: Rik Vollebregt, bureau Kent, Utrecht
Foto: Viola Huurnink

Tot nu toe was het zo dat alleen de oppervlakken van de buitenschil (vloer, gevel, ramen, dak) meetelden. In de nieuwe situatie moet men ook rekening houden met de invloed van koudebruggen in de buitenschil. Met koudebruggen worden bedoeld: alle lijnvormige aansluitingen tussen twee of meer constructie-elementen, waarbij de isolatie plaatselijk is doorbroken. Voorbeelden van koudebruggen zijn:

  • aanstortnokken voor balkons
  • metselwerkondersteuningen
  • consoles

Andere – minder ernstige maar wel meetellende – doorbrekingen van de isolatie kunnen voorkomen bij de nok, de aansluiting dak op gevel, aansluitingen van gevel op gevel, gevel op vloer en bij kozijnen.
De warmteverliezen door deze koudebruggen worden lineaire warmteverliezen genoemd. Het opmeten en in het programma invoeren van de lengtes van de aansluitingen brengt extra werk met zich mee. Daar staat tegenover dat de EPC een stuk lager uitkomt. Dus beter!

Europese regels
Voor alle duidelijkheid: de eis aan de EPC voor woningen is niet veranderd; deze staat nog steeds op 1,0. De discussies over nog lagere EPC-waarden duren nog steeds voort. De berekening van de warmteverliezen door de buitenschil is aangepast en daardoor valt de EPC lager uit. De verandering was nodig om in overeenstemming te komen met Europese normen waarin dezelfde rekenmethodiek voor de warmteverliezen via de buitenschil wordt gehanteerd.

Forfaitair rekenen nadelig
De EPN berekening biedt per 1 januari 2003 overigens ook de mogelijkheid om voor een snellere, zogenaamde forfaitaire berekeningsmethode te kiezen. In de forfaitaire berekeningsmethode zijn al aannames gedaan wat betreft de koudebruggen. Deze hoeven bij het gebruik van de forfaitaire methode níet te worden opgemeten en ingevoerd. Aan deze methode is echter een nadeel verbonden. Het rekenprogramma gaat uit van ongunstige aannames betreffende de lineaire warmteverliezen waardoor de EPC in bijna alle gevallen hoger – dus slechter – uitvalt.

Vergelijking EPC volgens de oude rekenmethode – zonder koudebruggen, en volgens de nieuwe rekenmethode

Woningtype EPC 2002 EPC 2003
Woongebouw met drie appartementen 0,99 0,96
Vrijstaande woning 0,98 0,92
Rijtjeswoning, twee verdiepingen 0,97 0,93
Rijtjeswoning, drie verdiepingen 0,98 0,92
Gemiddeld 0,98 0,935

Dezelfde woning, lagere EPC
Vier verschillende woningen waarvan de EPC in 2002 met de toenmalige rekenmethode is uitgerekend, zijn nog een keer berekend. Nu met de nieuwe rekenmethode. In 2002 bleek de EPC gemiddeld op 0,98 uit te komen. Berekend met de huidige rekenmethode komt de EPC gemiddeld op 0,93 uit. (zie tabel 1). Gemiddeld valt de EPC dus 0,05 punten lager uit, maar er zijn verschillen per woningtype.

Minimum maatregelenpakket
Het blijkt met de nieuwe rekenmethode gemakkelijker om aan de eis te voldoen. Van bovengenoemde vier woningtypen is berekend met welk minimumpakket aan energiemaatregelen de EPN eis wordt gehaald. Het minimumpakket ziet er zó uit:

  • Isolatie van gevels, daken en vloeren: Rc=3 m2K/W
  • HR++ glas in houten of kunststof kozijnen
  • Geïsoleerde buitendeuren
  • CV en warm water: gasketel met HR107 en HR warm water label
  • Ventilatie: toevoer via zelfregelende gevelroosters (met gelijkwaardigheidverklaring) en afvoer met gelijkstroomventilator
  • Infiltratie: qv=1,0 l/sm2

Wanneer met dit pakket aan maatregelen de EPC van de woningen wordt berekend met de nieuwe rekenmethode, geeft tabel 2 het resultaat.
Met een minimum pakket aan maatregelen kan men dus prima aan de huidige norm voldoen. Het toepassen van extra maatregelen, zoals een zonneboiler of gebalanceerde ventilatie met warmteterugwinning, is niet zonder meer nodig.

Energiebesparen onbelangrijk?
Het wordt gemakkelijker om de EPN eis te halen: een redelijk eenvoudig pakket aan maatregelen is voldoende. Is energiebesparing onbelangrijk geworden? Natuurlijk niet. Ten eerste is het pakket aan maatregelen misschien eenvoudig maar het is wel erg effectief. De transmissieverliezen worden beperkt door goede isolatie en goed glas. De ventilatie- en infiltratieverliezen zijn minimaal door zelfregelende roosters en kierdichting. Er worden moderne energiezuinige ketels en ventilatoren toegepast. Het is een pakket dat weliswaar eenvoudige maatregelen bevat, maar daarmee wel alle energieposten bestrijkt.

En natuurlijk kan het geld dat bespaard is door met dit maatregelenpakket te werken, goed worden gebruikt om extra energiebesparing te realiseren in bijzondere gevallen. Bijvoorbeeld een zonneboiler in woningen waarvan bij voorbaat vaststaat dat er een hoog verbruik aan warm water is: woningen met een bad, met een extra badkamer of woningen voor (grote) gezinnen. In een dergelijk project kan een zonneboiler zichzelf terugverdienen.
Binnen de nieuwe EPN rekenmethode volstaat een basis pakket aan energiebesparende maatregelen. Iedereen kan in vrijheid besluiten om extra energiebesparende maatregelen te treffen, voorzover dat in zijn of haar situatie zinnig is.

Tips voor EPN berekenaars
De koudebruggen kan men naar keuze volgens de forfaitaire of de uitgebreide methode berekenen. Meestal is de uitgebreide methode het gunstigst. De forfaitaire methode verdient aanbeveling als het gebouw veel uitkragingen heeft, veel verschillende aansluitdetails van gevel op gevel of dak op gevel heeft, kortom grillig van vorm is en veel doorbrekingen van de isolatie heeft. De uitgebreide methode kost in dat geval erg veel werk terwijl de EPC niet of nauwelijks lager uitvalt.
Als de ketel over een HR-warmwaterlabel beschikt, kan men in het rekenprogramma bij ‘opwekkingstoestel’ voor de optie ‘kwaliteitsverklaring’ kiezen. Het rendement voor warmwaterbereiding is dan uit de documentatie over te nemen en handmatig in te voeren.
Leveranciers van zelfregelende ventilatieroosters kunnen vaak een gelijkwaardigheidrapport leveren. Daarin staat hoeveel de reductie op de EPC bedraagt en hoe deze berekend kan worden.

Resultaat berekening EPC met minimumpakket

Woningtype EPC
Woongebouw met drie appartementen 0,98
Vrijstaande woning 0,99
Rijtjeswoning, twee verdiepingen 0,96
Rijtjeswoning, drie verdiepingen 0,97

Schrijf je in voor de nieuwsbrief

Met deze wekelijkse nieuwsbrief blijf je op de hoogte van het laatste nieuws uit de bouwtechniek.

2 reacties op “EPN berekening versoepeld

  • Jaap v.d. Bosch

    @ Ramona,
    Wat je nu precies bedoeld met ‘de regel ‘is mij een beetje vaag, bedoel je waar staat waar je aan moet voldoen?, als dat je vraag is, dan vind je die gewoon in het bouwbesluit, Hoofdstuk 5, artikel 5.2 daar staat het in die tabellen.

    Maar verder het artikel uit bouwwereld waar jij nu op reageert is wel erg oude meuk, dat is allemaal al lang gewijzigd, kun je niet meer zo op af gaan.

  • Ramona

    Hallo!

    Ik studeer bouwkunde (1e jaar) in Den Bosch. We moeten voor een project in het laatste blok een EPN berekening maken. Er staat wel vanalles over de EPN berekening in dit artikel (epn berekening versoepeld). Maar wat is ‘de regel’ voor het berekenen van de EPN waarde?

    Kunnen jullie mij daar misschien mee helpen?

    Met vriendelijke groet,

    Ramona Zuurhout (v)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.