Ga naar hoofdinhoud
Supergaaf

Architect Nina Aalbers: ‘TIJ inspireert mij om de natuur meer onderdeel te maken van de bebouwde omgeving’

Wat maakt een gebouw bijzonder? Architect Nina Aalbers van studio Architectuur MAKEN aan het woord over haar favoriete gebouw: Vogelobservatorium Tij in Stellendam.

Met acht meter hoog is TIJ het grootste en meest markante natuurkunstwerk van het Haringvliet de Scheelhoek, een natuurgebied dicht bij Stellendam. Architect Nina Aalbers, samen met Ferry in ’t Veld oprichter van Architectuur MAKEN, is hier voor de derde keer. Eerder was ze er al met architectuurstudenten in het kader van een vak over circulair bouwen. Samen met de studenten bereikte ze het vogelobservatorium op blote voeten via het ondergelopen bospad. TIJ refereert aan de getijden: het kan onder water lopen tot 90 centimeter boven NAP, waardoor de mens de plek niet kan bereiken. De naam past bij de ronding van het schiereiland waar het op ligt maar is ook een woordspeling op ‘het ei’. Het vogelobservatorium heeft de uitvergrote vorm van het ei van de grote stern, het icoon van dit vogelgebied. RAU Architects en RO&AD Architecten creëerden een nest van riet, zand en kastanjepalen op de zandplaat, zoals de stern dat zelf ook doet als meesterarchitect van deze vorm.

TIJ ligt in een gebied dat bestaat uit een dijk met binnendijks grote rietlanden en buitendijks een aantal eilanden die fungeren als foerageer- en broedgebied voor steltlopers als de visdief, de stern en de oeverzwaluw. Toen Aalbers er samen met de fotograaf was voor Bouwwereld, waadde ze door het water in de stromende regen. Ze zag de meeuwen, die er in groten getale komen, evenals zilverreigers en verschillende soorten eenden. Zelfs een om zich heen kijkende zeearend in het gras spotten ze die dag.

De mens onzichtbaar

Het is niet gek dat de architect TIJ uitkoos als favoriete gebouw. Allereerst werd Aalbers op de basisschool al ‘Nina Natuur’ genoemd. Die interesse is altijd gebleven. “Ik wist dat ik het project tof ging vinden maar was toch blij verrast toen ik dit reuzenei van binnen zag.” TIJ ligt op een van de speciaal aangewezen plekken voor vogelobservatoria en uitkijkplekken in opdracht van Vogelbescherming Nederland en Vereniging Natuurmonumenten. Het doel is om de natuur in het Haringvliet te verrijken en de effecten hiervan waarneembaar en toegankelijk te maken voor mensen. Dat streven vindt Aalbers heel geslaagd. “Het is bijzonder dat RAU en RO&AD de natuur een podium hebben gegeven”, meent ze. “De mens is hier onderdanig en wordt zelfs onzichtbaar. Om de vogels ongezien te benaderen en ze niet te storen, verdwijnt het pad in het laatste deel van de route naar het vogelobservatorium namelijk onder de grond in een tunnel gemaakt van tweedehands steenschotten en wilgentenen”, weet de architect. “Je kunt de vogels door de spleten zien, maar niet de buitenkant van de met zand bedekte tunnel waar steltlopers kunnen broeden. Het eindpunt is een bolvormige wereld van waaruit je de broedende vogels kunt bewonderen zonder ze lastig te vallen.”

Ook de constructie kan haar goedkeuring dragen. “Het laat goed de waarde van architectenwerk zien”, zegt ze. Met het oog van een architect ziet Aalbers dat het parametrisch ontworpen organische gebouw heel complex blijkt te zijn, ondanks de sim pele vorm. “Om een juiste verhouding van vorm, constructie, afmetingen en kijkgaten te verkrijgen, is er veel denkwerk verricht”, ligt ze uit. De constructie bestaat uit een file-to-factory Zollingerconstructie, waarmee in hout grote overspanningen gemaakt kunnen worden met relatief kleine onderdelen. Latje voor latje is de houten constructie computergestuurd gezaagd in Finland, in zo’n 400 onderdelen met de boot vervoerd en op locatie gemonteerd. “Als je goed kijkt zie je de ritmiek van een repetitief patroon van elementen die weer wordt opgevolgd door een ander repetitief patroon van onderdelen. Dat soort patronen zie je in de natuur ook veel terug.”

Biobased en demontabel

TIJ is zoveel mogelijk biobased gematerialiseerd en volledig demontabel. Het is dan ook een duurzaam bouwwerk dat zonder waardeverlies weer uit elkaar gehaald kan worden, waardoor milieu en ecosysteem zo min mogelijk worden belast. Het onderste deel, dat onder water kan komen te staan bij hoog water, is gemaakt van Accoya. Het bovenste deel van grenen. De rieten bedekking is van lokaal riet dat aan de binnenkant van de dijk is geoogst. Via een hybride hout-betonvloer kun je via een spiraaltrap naar een verdieping in de vide lopen waar je niet alleen droge voeten houdt, maar ook een 360 graden uitzicht hebt op de broedeilanden, de Haringvlietdam en de omgeving.

Aalbers: “TIJ inspireert mij om de natuur nog meer onderdeel te laten zijn van de bebouwde omgeving. De natuur wordt vanuit angst vaak geweerd en gezien als een last. Maar de natuur heeft juist een podium nodig. Een vogel kan geen programma van eisen op papier zetten maar zou wel meer de baas moeten zijn. Dat moet gaan doordringen in de bouwwereld. Met onze projecten en samenwerkingen met onder andere ecologen laten we zien dat het anders kan.”

Gezamenlijke filosofie

Aalbers vindt de samenwerking tussen RAU en RO&AD, dat al veel opmerkelijke uitkijkposten en vogelkijkhutten heeft gerealiseerd, een interessante combinatie. “Je ziet dat ze lol hebben in het ontwerpen, er veel liefde in hebben gestoken en een gezamenlijke optimistische missie en filosofie hebben”, zegt ze. Thomas Rau van het gelijknamige architectenbureau levert al jaren een grote bijdrage aan de (inter)nationale discussie over duurzaamheid, het gebruik van hernieuwbare energiebronnen in de architectuur en de huidige grondstoffenschaarste. Het bureau is inmiddels een autoriteit op het gebied van energiepositieve gebouwen en circulaire architectuur. Die filosofie sluit aan bij die van Aalbers. Duurzaamheid is ook vanaf de start ingebed in Architectuur MAKEN; het is de overkoepelende term voor een circulaire, energieneutrale, klimaatadaptieve en natuurinclusieve aanpak van het nu zeven jaar jonge bureau.

Nina Aalbers en Ferry in ’t Veld startten in 2016 met de bouw van hun eigen huis in Rotterdam met WasteBasedBricks van StoneCycling. Ze werden door internationale media getypeerd als ‘the Rotterdam circular architect couple’. Architectuur MAKEN, genomineerd voor Architect van het jaar 2022, werkt intussen voort aan een toekomst waarin circulair bouwen vanzelfsprekend is. “Met aandacht voor de schoonheid van duurzaamheid en de duurzaamheid van schoonheid”, zoals ze zelf zeggen. Net als RAU en RO&AD hebben gedaan met TIJ.

Foto’s: Ruud Dilling

Schrijf je in voor de nieuwsbrief

Met deze wekelijkse nieuwsbrief blijf je op de hoogte van het laatste nieuws uit de bouwtechniek.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.