Bij aansluitende dwarskappen wordt de kwaliteit van de geluidisolatie bepaald door een zorgvuldige afwerking van het aansluitdetail en de kwaliteit van de toegepaste dakelementen. Te weinig massa in de dakconstructie is vragen om problemen.
Een regelmatig terugkerend modeverschijnsel in de bouw is de toepassing van dwarskappen, die met name dan voorkomen bij twee-onder-eenkapwoningen, zie onderstaande afbeelding. De geluidisolatie tussen de zoldervertrekken wordt dan bepaald door twee maal de geluidisolatie van de dakconstructie en de nauwkeurige afwerking bij het detail bij de zakgoot.
De meetresultaten daarvan zijn in de grafiek te zien. De rode lijn betreft een situatie met aan beide daken een sandwichdak met als opbouw 3 mm spaanplaat, 90 mm EPS en 3 mm spaanplaat (3-90-3). De groene lijn betreft een andere situatie met een sandwichdak met een 8-90-8 opbouw en het andere dak een 3-90-3 opbouw. In beide gevallen wordt niet voldaan aan de eisen tussen zolders (DnTAk ≥ 47 dB). De dakelementen hebben te weinig massa.

Herstel
Het verzwaren van de dakelementen aan de zolderzijde is dan de meest praktische oplossing. Met 12,5 mm gipskartonplaten aan beide zijden. In 3 mm spaanplaat is het slecht schroeven, bovendien mag aan de binnenzijde de dampdichte laag niet doorboord worden, zodat mogelijk volvlaks verlijmen de oplossing is.

Voorkomen
In dergelijke gevallen hebben enkelschalige dakelementen met minerale wol de voorkeur. Zeker als de woningscheidende wand wordt uitgevoerd als ankerloze spouwmuur, zodat het verschil qua geluidisolatie tussen de andere verdiepingen en de zolder niet te groot wordt. Bij massieve bouwmuren zou ook een enkelschalig dak met hardschuim kunnen worden toegepast als de eis tussen zolders geldt ( DnTAk ≥ 47 dB).







