Het circulaire paviljoen Circl aan de Zuidas bestaat niet meer. Het gebouw is zorgvuldig gedemonteerd en de onderdelen wachten op een nieuwe bestemming. Circl was bedoeld als pilotproject voor circulair bouwen. Nu, jaren later, biedt het waardevolle lessen. Zo werd de houtconstructie destijds bewust overgedimensioneerd zodat het hout later herzaagd kon worden. Maar in de praktijk blijkt een constructie die één-op-één herbruikbaar is, toch de voorkeur te krijgen. Inzichten zoals deze ontstaan alleen door te doen. Praktijkervaring is onmisbaar om te bepalen wat écht werkt in circulair bouwen.
Dat geldt niet alleen voor de werkvloer. Ook op beleidsniveau zijn duidelijke keuzes nodig om duurzaam bouwen uit de pilotfase te trekken. De Raad voor de leefomgeving en infrastructuur adviseert het kabinet dan ook om steviger in te grijpen. Een van de aanbevelingen: financiële prikkels, zoals heffingen. Daarmee moeten vooral het peloton en de achterhoede van de bouwsector in beweging komen. Zij zijn onmisbaar voor het realiseren van de klimaatdoelen.
Gelukkig zijn er voorlopers die het al anders doen. Architect Tim Vermeend ontwikkelde met The Urban Woods een woonconcept waarin houtbouw, modulariteit en energiepositief wonen samenkomen in een schaalbaar systeem. Ook het dak van het NEMO Science Museum laat zien wat er mogelijk is: ooit een betonnen plein, nu een groen stadsdak vol beplanting, zonneenergie en slimme wateropvang.
Ik zie hier een overkoepelend thema voor deze editie: wacht niet af tot beleid of regelgeving je in beweging zet. Neem zelf verantwoordelijkheid. Doe praktijkervaring op met verschillende aspecten van duurzaam bouwen om te ontdekken welke best practices voor jou werken.
Wouter de Vries / hoofdredacteur








