Wie duurzaam bouwen serieus neemt, moet verder kijken dan intenties. Met de nieuwe groenplus-productlijn zet VBI een volgende stap. Concrete CO2-reductie in beton wordt de nieuwe standaard. Commercieel directeur Annet Neugebauer: “Waarom wachten? Je kunt nu al beginnen.”
De bouwsector weet waar de grootste impact zit. Niet in de details, maar in de massa. Juist daar zit ook de kans om het verschil te maken. Met GroenPlus introduceert VBI een productlijn die die stap probeert te concretiseren: minder CO2-uitstoot, zonder concessies aan ontwerp of uitvoering.
De introductie van GroenPlus staat niet op zichzelf. Het is een logisch vervolg op de campagne rond ‘materiaalobesitas’, waarin VBI de sector confronteerde met overmatig materiaalgebruik. “Duurzaamheid is voor ons geen bijzaak of trend”, zegt Annet Neugebauer, commercieel directeur bij VBI. “Het zit echt in het hart van onze strategie. De urgentie om CO2 te reduceren is enorm hoog en we zien dat ook terug in de hele bouwketen. Er zijn steeds meer partijen die daar bewust mee bezig zijn en die ook echt stappen willen zetten.” Waar de eerdere campagne vooral draaide om bewustwording, ligt de focus nu op toepassen. Neugebauer hierover: “Je ziet dat partijen willen, maar ze hebben concrete bouwstenen nodig om die ambities waar te maken. GroenPlus is een goed vertrekpunt.”

Vervolgstap
Binnen VBI past GroenPlus in een bredere ontwikkellijn. Innovaties worden eerst getest, vervolgens opgeschaald en uiteindelijk onderdeel van het standaard assortiment. “Wij werken met verschillende labels”, legt Neugebauer uit. “Je hebt GroenLab, dat is onze experimenteeromgeving waarin we samen met koplopers nieuwe materialen en technieken ontwikkelen. Als dat gevalideerd is, brengen we het onder in GroenPlus. Uiteindelijk is het doel dat het doorstroomt naar ons standaard assortiment. GroenPlus bevindt zich precies in die tussenfase: bewezen, maar nog niet op volle schaal beschikbaar.”
Proefproject
De echte potentie van GroenPlus wordt zichtbaar in de projecten die eraan voorafgaan. In GroenLab wordt geëxperimenteerd met technieken die later doorstromen. Een van de meest concrete voorbeelden is het gebruik van het alternatief bindmiddel INVIE. “Dit is ontwikkeld in samenwerking met partners uit de keten. Bijvoorbeeld ASCEM Special Technologies (ASCEM), het onderzoeks- en kennisinstituut van de BTE Groep”, zegt Neugebauer. “Daarmee kunnen we de CO2-uitstoot drastisch verlagen. We hebben recent een project opgeleverd waarin we met nagenoeg cementloze kanaalplaten hebben gewerkt. Dat project, gerealiseerd met onder andere TBI, laat zien wat technisch mogelijk is. In dat casco hebben we een CO2-reductie van 75 procent gerealiseerd ten opzichte van traditionele oplossingen. Dat geeft aan hoeveel potentie er nog zit in materiaalinnovatie.”
Lagere MKI
De technische stap zit in verdere reductie van CO2 en de MKI. Dat gebeurt via optimalisaties in materiaalgebruik, samenstelling en productieproces. “Wat GroenPlus onderscheidt van ons bestaande groene assortiment, is dat we een significante extra reductie realiseren in CO2-uitstoot en dus ook in MKI”, zegt Neugebauer. “Die optimalisaties zitten in meerdere aspecten: het materiaal zelf, de samenstelling en het productieproces. Voor ontwerpers verandert er inhoudelijk weinig. En dat is precies de bedoeling. Er zijn geen concessies nodig. GroenPlus heeft dezelfde prestaties, dezelfde afmetingen en dezelfde toepassingsmogelijkheden als ons standaardassortiment. Voor een constructeur of architect betekent dat: je kunt hetzelfde ontwerp maken, maar met een lagere milieu-impact.”

Directe impact in aanbestedingen
De meerwaarde van GroenPlus zit niet alleen in de productie, maar vooral in het effect op gebouwniveau. “Omdat GroenPlus een gevalideerd label is, kunnen partijen direct de MPG verlagen”, stelt Neugebauer. “De data zijn beschikbaar via levenscyclusanalyses (LCA’s, red.) en de Nationale Milieudatabase. Dat betekent dat je die winst ook echt kunt aantonen.” Dat heeft directe gevolgen voor aanbestedingen. “Kanaalplaatvloeren vormen een substantieel onderdeel van de constructie. Als je daar reduceert, zie je dat terug in de totale milieuprestatie van het gebouw. Dat helpt opdrachtgevers en aannemers om beter te scoren in tenders waar duurzaamheid zwaar meeweegt.”
Zoeken naar verschilmakers
GroenPlus is in principe breed toepasbaar, maar richt zich in eerste instantie op projecten met hoge duurzaamheidsambities. “Het is niet alleen voor niches”, nuanceert Neugebauer. “Het is beschikbaar voor de hele markt. Maar we richten ons wel op partijen die voorop willen lopen en die bewust kiezen voor extra CO2-reductie.” De ambitie ligt hoger: van koplopers naar nieuwe standaard. “We willen dat dit het nieuwe normaal wordt.”
De verdere doorontwikkeling ligt niet alleen bij de fabrikant. VBI zoekt nadrukkelijk de samenwerking met de keten. “We starten de campagne ‘Vloer de CO2-uitstoot’ waarin we met koplopers in gesprek gaan”, zegt Neugebauer. “We willen kennis delen en elkaar uitdagen. Die gesprekken zijn geen eenrichtingsverkeer. We willen ook begrijpen waar de drempels zitten. Is dat technisch, economisch of zit het in besluitvorming? Alleen als je dat weet, kun je gericht versnellen. De boodschap richting de markt is helder: de techniek is er, de urgentie is er, nu nog de toepassing. Je kunt nu al CO2 reduceren. Elke stap telt en deze stap kun je vandaag al zetten.”
Dit artikel is tot stand gekomen in samenwerking met VBI.








